Reisgidsen en tips
Voor we vertrokken, heb ik twee reisgidsen gelezen, die niet alleen informatief waren, maar zeker ook bijdragen aan de voorpret. Dit zijn West Canada uit de serie Lannoo's reisgidsen en West Canada van Trotter (wordt ook door Lannoo uitgegeven). De eerste biedt veel foto's, achterliggende verhalen en beschrijvingen. De gids van Trotter is heel praktisch, geeft veel goede adressen, kritische info en tips.
Uit eigen ervaring kan ik hier nog een paar tips aan toevoegen:
neem een écht goed anti-muggen middel mee. Tegen schemer komen de muggen tevoorschijn en zonder bescherming wordt je compleet lekgeprikt;
koop nog voor je gaat rijden een kleine bijl; het hout voor het kampvuur bestaat meestal uit grote blokken die je zelf klein moet hakken, anders krijg je het vuur nooit brandend;
Zorg voor een goed gevulde koelkast; je kunt 's avonds in een park belanden waar de dichtstbijzijnde winkel érg ver weg is!
Koop een telefoonkaart, op die manier houd je niet alleen de belkosten in de hand, maar ze zijn ook nog eens erg mooi.
Buitenlandse wijnen zijn érg duur, neem dus gewoon Canadese wijn! Van rode wijn hebben ze geen verstand, maar de witte wijn en de rosé zijn prima.
Reis je per camper, dan is het handig om af en toe een camping te pakken. Hier kun je 'legen en bijvullen'. Maar verder raad ik iedereen aan om zoveel mogelijk in de nationale en provinciale parken te overnachten. De meeste parken bieden goede voorzieningen, meestal inclusief picknicktafel en stookplaats, maar vooral héél veel ruimte en rust.
Zelfs in juli of augustus kunnen de avonden flink koud worden. Neem dus altijd wat warme kleding mee.